8.9 C
Staphorst
zondag 29 mei 2022
Home Blog

Champions League met een moslimtintje

0

Zaterdag 28 mei 2022 wordt de finale van de Champions League in het Stade de France, in Parijs, gespeeld.

De finale wordt gespeeld door Real Madrid (Spanje) en Liverpool (Verenigd Koninkrijk). De Italiaanse oefenmeester Carlo Ancelotti (King Ancelotti) is de baas bij Real Madrid, waar de Duitse tovenaar, Jürgen Klopp, de dienst uitmaakt bij Liverpool.

Na het vertrek van de Portugese vedette Cristiano Ronaldo is de Algerijns-Franse centrumspits (en moslim) Karim Benzema nu de grote man in Madrid. Karim is topscoorder in zowel de Champions League als in La Liga (Primera División), de hoogste Spaanse voetbalcompetitie. Ongeacht of Real Madrid zaterdag de finale wint of niet, het moet heel raar lopen als El Rey (ofwel koning) Karim niet de gouden bal wint.

Bij Liverpool hebben ze niet één, maar vijf moslimspelers, van wie twee de sterren van de hemel spelen: Egyptenaar Mohamed Salah en de Senegalees Sadio Mané, die doorgaans als vleugelaanvaller het net weet te vinden.

Benzema, Salah en Mané zijn voor veel jongeren, en in het bijzonder moslimjongeren, rolmodellen geworden. Ondanks hun populariteit, de roem en het grote geld hebben de drie vedettes hun religie niet de rug toegekeerd.

Bij Real hebben ze naast Benzema vedetten ala Toni Kroos, Luka Modric en Vinicius Junior die Benzema vleugels geven. Bij Liverpool, zijn het Virgil van Dijk, Thiago, Fábio Carvalho, Luis Díaz en Takumi Minamino die samen met Salah en Mané veel voetbalharten sneller doen kloppen.

Wie zaterdagavond de beker met de grote oren wint is zeker niet onbelangrijk. Één ding is zeker: Zaterdagavond om 21:00 uur kijkt iedereen in de Arabisch-moslimwereld naar sportzender beIN Sports, eigendom van (beIN Media Group). Het hoofdkantoor van de machtige sportzender is in Doha, Qatar. Het heeft studio’s in Miami, Parijs, Istanbul en Singapore waaruit alle sportwedstrijden wereldwijd van vijf talen wordt voorzien: Arabisch, Engels, Frans, Spaans en Turks, door de beste sportanalisten.

De voorzitter van beIN Media Group is niemand minder dan de steenrijke Qatarese zakenman Nasser Al-Khelaifi, eigenaar van de Franse voetbalclub Paris Saint-Germain (PSG) uit Parijs.

Waar zou het Europese voetbal zijn zonder de oliedollars en moslimvoetballers?

Gemeenten en provincies krijgen wettelijke taak tot opvang asielzoekers

0

Het kabinet werkt aan een wettelijke taak voor gemeenten om opvanglocaties voor asielzoekers te leveren. Dat schrijven staatssecretaris Eric van der Burg van Justitie en Veiligheid en minister De Jonge voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening in een brief aan de Tweede Kamer. Gemeenten in Nederland krijgen daarmee een medeverantwoordelijkheid in de opvang van asielzoekers. Dit moet in de toekomst zorgen voor voldoende opvangplekken en een betere spreiding van asielopvang over het hele land.

Dringend nieuwe locaties nodig
Sinds afgelopen zomer zijn er meer dan 17.000 opvangplekken gerealiseerd. Maar het is helaas niet genoeg. Op zeer korte termijn zijn er hard nieuwe locaties nodig. Op dit moment wordt elke dag hard gewerkt door verschillende partijen om asielzoekers ternauwernood onderdak te bieden. Dit kan zo niet langer en daarom moet er met een andere werkwijze voldoende en stabielere asielopvang komen.

Door gemeenten de wettelijke taak te geven locaties te leveren voor asielopvang, worden zij medeverantwoordelijk. Zo moet er stabielere asielopvang komen. Het COA blijft verantwoordelijk voor de opvang en begeleiding van asielzoekers. Gemeenten die geen bijdrage leveren aan de gezamenlijke aanpak van de opvang, kan dan medewerking afgedwongen worden.

Versnelde uitstroom statushouders
Ongeveer een derde van de opvangplekken wordt op dit moment bezet gehouden door mensen met een verblijfsvergunning. Het kabinet is van mening dat zij uitstromen uit de asielopvang naar huisvesting in gemeenten. Niet alleen om de druk op de asielopvang te verlichten, maar ook voor hun integratie.

De minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening heeft daarom de provincies verzocht het interbestuurlijk toezicht te verscherpen en te versnellen bij gemeenten met achterstanden. Gemeenten kunnen bij het realiseren van huisvesting gebruik maken van verschillende ondersteuningsmaatregelen vanuit het Rijk. Ook komt er een Task Force die het transformeren van gebouwen naar woningen en het realiseren van meer flexwoningen moet versnellen.

Bestaande mogelijkheden
Het kabinet heeft ook bekeken wat de mogelijkheden zijn binnen de bestaande juridische kaders. Daaruit zijn enkele opties gekomen op het gebied van ruimtelijke ordening. Zo zou het COA, als alle vergunningen er zijn, een eigen pand in gebruik kunnen nemen zonder eerst een bestuursovereenkomst te sluiten met de gemeente, zoals nu gebruikelijk is. Een andere mogelijkheid is dat het Rijk het proces van de benodigde vergunningverlening naar zich toe trekt. Tot slot, zou het Rijk, net als bij bijvoorbeeld de bouw van windmolenparken, opvanglocaties kunnen realiseren door een inpassingsplan vast te stellen.

Rouvoet: ‘Rabbae streed onvermoeibaar tegen onrecht’

0

Gisteren werd oud-politicus Mohamed Rabbae in Amsterdam volgens de islamitische traditie begraven.

Voordat Rabbae ter aarde werd gelegd, werd vooraf in een besloten kring afscheid van hem genomen door familie, vrienden en oude bekenden met wie Rabbae samen heeft gewerkt tijdens zijn maatschappelijk en politiek carrière.

Een van de sprekers tijdens de afscheidsceremonie was oud-minister André Rouvoet (ChristenUnie). Hieronder leest u zijn bijdrage.

Mijn eerste parlementaire kennismaking met Mohamed was tamelijk deprimerend. Een week na onze beëdiging als Kamerlid, in mei 1994, hielden we in een debat allebei onze maidenspeech, het eerste optreden in de grote zaal. Ik had me nog zo voorgenomen het als nieuw Kamerlid helemaal anders te doen dan gebruikelijk en mijn bijdragen niet van papier voor te lezen, maar uit het hoofd te spreken. Maar op die woensdag 25 mei durfde ik het niet aan, in dit debat dat heel spannend beloofde te worden. Het onderwerp: de IRT-kwestie… Vooraf moest ik mij laten uitleggen waar die afkorting eigenlijk voor stond… In een bomvolle zaal, waar een zinderende spanning hing, omdat het lot van de ministers Van Thijn en Hirsch Ballin aan een zijden draadje hing, las ik – behoorlijk gespannen – mijn bijdrage van papier voor. Mohamed kwam zonder papier naar voren en sprak uit het hoofd… ik beneed en bewonderde hem erom.

Zijn oordeel over de ministers was niet mals. Zijn eerste zin luidde: “ik sta hier tegenover twee ministers die ik op een aantal belangrijke momenten zeer gewaardeerd heb”; maar – zo zei hij – dat zou niet ten koste gaan van de politieke zuiverheid in het debat. Je voelde de bui al hangen…, zeker toen hij in zijn tweede zin sprak van “een aanfluiting” en meteen maar concludeerde dat hun optreden “volstrekte afkeuring” verdiende. Het zou zomaar kunnen zijn dat Ed van Thijn in het bijzonder op Mohamed doelde, toen hij in zijn boek ‘Retour Den Haag’ over dit debat schreef hoe bizar het was dat nieuwe Kamerleden, “van wie de schoenen nog kraakten”, hem voor rotte vis uitmaakten, waarna de Kamervoorzitter de vergadering schorste en de minister achteraan de rij mocht aansluiten om de spreker te feliciteren met zijn maidenspeech!

Later werd mij duidelijk dat dit hem typeerde: stellig in zijn opvattingen, fel in bewoordingen, in zijn debatstijl radicaal, zonodig compromisloos, maar alleen ten aanzien van zaken die fundamenteel voor hem waren. En dus ook zonder aanzien des persoons. Of het nu ging over de rechtsstaat, het integratiebeleid, onderwijs of discriminatie. Niet om te polariseren, maar eenvoudigweg omdat je over je principes niet kunt onderhandelen. Een politieke opstelling die ik als christen-politicus herkende en waardeerde.

En terzijde: in het Kamerelftal voetbalde hij zoals hij debatteerde, maar altijd op de bal…

Een half jaar later werden Mohamed en ik benoemd in de parlementaire enquêtecommissie opsporingsmethoden, de commissie-Van Traa, oftewel: de IRT-enquête. Daar leerden wij elkaar echt kennen. En waarderen. De uitdaging van de commissie was het vinden van een balans tussen een effectieve bestrijding van de georganiseerde misdaad en bescherming van de rechtsstaat. Er kon geen twijfel bestaan over de principiële positiekeuze van Mohamed. Dat kleurde zijn inbreng in de interne discussies en zijn bijdrage aan de openbare verhoren, waar wij op de rechterflank gebroederlijk naast elkaar zaten, Mohamed weliswaar links van mij.

Ook hier was hij, wanneer het om voor hem wezenlijke kwesties ging, stellig, fel, radicaal en moeilijk te bewegen tot een compromis. Doorlaten van drugs? Criminele burgerinfiltranten? Hij kon er eigenlijk niet bij dat je dat zelfs maar kon overwegen. De overheid hoort zich aan de wet te houden, de rechtsstaat hoog te houden en boeven te vangen met inachtneming van wet- en regelgeving.

U begrijpt: in een politiek breed samengestelde commissie, waarin je tot gezamenlijke conclusies en aanbevelingen moet komen, was Mohamed niet de makkelijkste.

Ik herinner mij dat ik in de eindfase van onze besprekingen op de gang lange gesprekken met hem had om hem van een minderheidsstandpunt te weerhouden. Dat lukte, ook doordat ik inhoudelijk dicht bij hem stond en begreep wat voor hem principieel en onopgeefbaar was. Overigens kwam er uiteindelijk in het eindrapport op de meest omstreden issues tóch een minderheids-standpunt, maar dan één waarin juist meer ruimte werd gegeven aan politie en justitie dan de rest van de commissie aanvaardbaar vond (het ‘nootje Koekkoek’); dit tot ongeloof en zelfs verontwaardiging van Mohamed.

Mohamed en ik verschilden in veel opzichten van elkaar, zeker ook in politieke visie en standpunten. Toch herkenden we ook het nodige in elkaar, zoals de rol van het geloof in onze levens. Het islamitische geloof bij hem, het christelijke geloof bij mij. Ik bewaar dierbare herinneringen aan onze gesprekken, ook bij hem thuis in Maarssen, samen met jou, Liesbeth (echtgenote Mohamed Rabbae, red.), en met mijn Liesbeth (echtgenote André Rouvoet, red.). Mohamed wilde het hoe en waarom begrijpen van mijn keuze om politiek te bedrijven vanuit mijn geloofsovertuiging, als lid van een uitgesproken christelijke partij, terwijl hij zelf heel bewust scheiding aanbracht tussen zijn geloof en zijn politieke optreden; hij zei: “ik spreek in de Kamer niet als moslim, maar als GroenLinkser”. En dat probeerde ik dan weer te begrijpen als gereformeerde jongen.

Mohamed Rabbae. Foto: ANP.

We spraken over grondrechten, democratie en rechtsstaat, over godsdienstvrijheid wereldwijd, over kerk en moskee. En ja, ook over zijn geschiedenis in en met Marokko. In die gesprekken leerde ik die andere kant van hem kennen: hoffelijk, humoristisch, belangstellend, zachtmoedig, mild. En hij hield ervan om te plagen en geplaagd te worden.

En zo zijn we politieke vrienden geworden. Onze begroeting luidde meestal: ‘ha, makker!’ Na onze gezamenlijke Haagse tijd, die in 2002 eindigde met het vertrek van Mohamed uit de Kamer, hadden we niet heel vaak contact meer. Maar als we elkaar tegenkwamen hadden we het goed. In 2020 heb ik hem opgezocht in het verpleeghuis in Huizen. Veel was hem ontglipt; maar af en toe brak een herinnering door de mist in zijn geheugen heen en daarmee ook de glimlach. De commissie-Van Traa was hij beslist níet vergeten en hij noemde uit zichzelf de nodige namen uit die gedenkwaardige periode.

In september vorig jaar, zo’n 25 jaar na dato, hebben we als oud-leden en stafleden een reünie gehouden, op een prachtige dag in Scheveningen. Wat ben ik dankbaar dat Mohamed daar – broos en kwetsbaar, maar toch – bij heeft kunnen zijn en veel oude bekenden heeft kunnen ontmoeten! Sharif (zoon Mohamed Rabbae, red.) kan getuigen hoezeer hij ervan genoten heeft. En wij ook!

Het bericht van zijn overlijden kwam vorige week niet helemaal onverwacht. En toch ook wel. Het ontroerde mij en alle betrokkenen van de commissie-Van Traa. Het is ook namens hen dat ik hier sta en mijn respect betuig voor deze ‘onvermoeibare strijder tegen onrecht’, maar vooral dus vóór gerechtigheid, democratie en de rechtsstaat. En mijn dierbare collega en politieke vriend, Mohamed Rabbae.

Liesbeth, jullie als kinderen, familie, ik wens – of, zoals we in mijn wereld zeggen: ik bid jullie kracht en moed toe om zonder hem verder te gaan.

André Rouvoet was in het kabinet-Balkenende IV minister voor Jeugd en Gezin en vicepremier. Tegenwoordig is hij voorzitter van GGD GHOR Nederland (de landelijke koepel van de GGD’en).

Moskeeën staan stil bij overlijden Mohammed Rabbae

0

Nederlandse moskeeën zullen vrijdag na het vrijdaggebed dua (smeekbede) doen voor oud-politicus Mohammed Rabbae.

Rabbae trok in het verleden veel samen met moskeebestuurders om Neder-moslimgemeenschappen te stimuleren te gaan stemmen bij verkiezingen en zelf politiek actief te worden.

Saïd Bouharrou, vice-voorzitter van de Raad van Marokkaanse Moskeeën Nederland (RMMN) laat aan deze krant weten: “Rabbae was een vrome en tolerante moslim. Hij heeft veel betekend voor de moslimgemeenschap in de strijd tegen discriminatie en islamofobie. Hij was zijn tijd ver vooruit. Als directeur van het Nederlands Centrum Buitenlanders kreeg hij grote bekendheid in de jaren tachtig van de vorige eeuw, met name onder de eerste (en tweede) generatie Marokkanen. Rabbae stond synoniem voor weerbaarheid en emancipatie, een sterk rolmodel om je aan op te trekken. Een groot leider en pionier is heen gegaan.”

Hoofd Externe Betrekkingen Kenan Aslan van IGMG Milli Görüş – Zuid Nederland: “Wij staan stil bij het overlijden van broeder Mohammed Rabbae. Hij heeft zich tijdens zijn maatschappelijke en politieke functie intensief ingezet voor moslims en minderheden wat wij altijd gewaardeerd hebben en zullen blijven waarderen.”

Voorzitter Abdelsadek Mass van de Samenwerkingsverband Islamitische Organisaties Regio Haaglanden (SIORH) laat weten: “Met de dood van Mohammed Rabbae verliest de moslimgemeenschap een icoon. Hij was een bijzonder mens en een icoon binnen de Nederlandse moslimgemeenschap. Rabbae was een pionier die generaties inspireerde om politiek actief te zijn en een bijdrage te leveren aan het maatschappelijk debat.”

In Utrecht gaat voorzitter Abdelmajid Khairoun van ICC Omar Al Farouq Moskee mee met de actie van Nederlandse Moskeeën. Ook een aantal bij de Stichting Platform Islamitische Organisaties Rijnmond (SPIOR) aangesloten moskeeën doen met de actie mee.

Mohammed El Barmaki uit Bergen op Zoom laat weten dat Moskee El-Feth ook stil zal staan bij het overlijden van Rabbae. Dit geldt ook voor het bestuur van de moskee in Zevenbergen en Hilversum.

Mohammed Rabbae trok samen met de moskeeën namens het Landelijk Beraad Marokkanen in hun strijd tegen discriminatie, gelijke rechten en solidariteit. Zowel tegen Geert Wilders (PVV) in de film Fitna en de ‘minder, minder, minder Marokkanen’-uitspraak. Hierbij waren Abdou Menebhi van Euro-Mediterraan Centrum voor Migratie en Ontwikkeling (EMCEMO) en Mustafa Ayranci, Vereniging van Turkse Arbeiders in Nederland (HTIB) betrokken.

Moslims stellen zich voor en delen rozen uit

0

Zaterdag 21 mei beginnen de leden van de Islamitische Stichting Millî Görüş (IGMG) een actie door heel Europa. Onder het motto “Hallo, wij zijn moslims.”

De leden van de moslimorganisatie gaan in de steden Arnhem, Ede, Eindhoven, Gorinchem, Leerdam, Oss, Rotterdam, Schiedam, Ulft en Uden het gesprek aan met hun medeburgers, zichzelf voorstellen, ontmoetingen laten plaatsvinden en de vooroordelen verminderen.

Persoonlijk contact met mensen is de meest natuurlijke en beste manier om begrip en ontmoetingen te bevorderen. Studies tonen aan: veel mensen hebben wegens het ontbreken van persoonlijk contact met moslims vaak een kritische, zo niet vijandige houding, ontwikkeld ten opzichte van moslims.

Dit is een van de reden voor de moskeeverenigingen van de Islamitische Stichting Millî Görüş (IGMG), het directe en persoonlijke contact met  medeburgers opzoeken, barrières opheffen en bruggen bouwen.

De actie zal overal op openbare plekken plaatsvinden- in winkelstraten, op markten en in stadcentra.

Koningin Máxima bij World Economic Forum in Davos

0

Koningin Máxima bezoekt op dinsdag 24 en woensdag 25 mei het World Economic Forum (WEF) in Davos. Zij doet dit in haar functie van speciale pleitbezorger van de secretaris-generaal van de Verenigde Naties voor inclusieve financiering voor ontwikkeling (UNSGSA).

Koningin Máxima heeft bilaterale gesprekken met regeringsvertegenwoordigers van diverse landen, de private sector en internationale ontwikkelingsorganisaties. Ook neemt zij deel aan een aantal plenaire sessies. Het belangrijkste thema voor de gesprekken is de rol van digitale financiële diensten in het bevorderen van financiële gezondheid en economische ontwikkeling. De coronapandemie heeft aangetoond  hoe belangrijk het is dat mensen digitale toegang hebben tot financiële diensten. Daarnaast staan thema’s als inclusieve fintech en inclusieve groene financiering op de agenda.

Dinsdag 24 mei spreekt Koningin Máxima bij het evenement ‘Financial Inclusion: Addressing the Largest Gaps’ over wat er nodig is om volledige financiële inclusie te bereiken en welke innovaties dit kunnen ondersteunen. Wereldwijd maken 1,7 miljard volwassenen nog geen gebruik van een bank- of spaarrekening, verzekeringen, leningen, pensioenen en digitale betaalmethoden. Het gaat met name om mensen met een laag inkomen, vrouwen en kleine (boeren) bedrijven (Global Findex 2017). Edison Alliance organiseert het evenement ‘Unlocking Capital at Scale for Digital Inclusion’ waar zij spreekt over de inzet van kapitaal uit de private sector om investeringen in de digitale economie te stimuleren.

Woensdag 25 mei is Koningin Máxima gastvrouw bij een overleg met het CEO Partnership for Economic Inclusion. Dit informele samenwerkingsverband van internationale bedrijven ontwikkelt projecten die bijdragen aan betere financiële diensten voor hun klanten, veelal kleine ondernemers. Bij een bijeenkomst van IDH-The Sustainable Trade Initiative spreekt Koningin Máxima over de rol van landbouwbedrijven om financiële diensten aan te bieden die passen bij de behoeften van kleine boeren en bijdragen aan hun financiële weerbaarheid. Het uiteindelijke doel is om een leefbaar inkomen te genereren.

Mohammed Rabbae overleden

0

Oud-politicus Mohamed Rabbae (Berrechid, Marokko) is vandaag op 81 jarige leeftijd in Amersfoort overleden. Rabbae was lange tijd wegens ziekte maatschappelijk niet meer actief.

Rabbae was in 1966 student filosofie, in Nederland voltooide hij een studie economie in Amsterdam. Daarna was hij betrokken bij diverse acties voor vreemdelingenrechten, waaronder de zogeheten 182 kerkmarokkanen die na een vergeefse asielaanvraag dreigden te worden uitgezet door de toenmalige staatssecretaris van Justitie Bert Haars ten tijde van het eerste kabinet-Van Agt.

Mister allochtoon
Rabbae werd begin jaren 80 directeur van de Stichting Buitenlanders West-Brabant en van 1983 tot 1994 was hij directeur van het Nederlands Centrum Buitenlanders (NCB).

In 1993 werd Rabbae lid van GroenLinks en werd hij door Ina Brouwer benaderd om deel te nemen aan het lijsttrekkersreferendum van de partij. Voor de Tweede Kamerverkiezingen 1994 werd hij in het lijsttrekkersreferendum samen met Ina Brouwer tot duo-lijsttrekker gekozen.

Rabbae maakte midden jaren 90 deel uit van de enquêtecommissie die de IRT-affaire onderzocht. Met de verkiezingen van 2002 verdween Rabbae uit de Tweede Kamer. Daarna was hij enige tijd wethouder in Leiden. Op zijn eerste werkdag in 2004, na een ziekteverlof van een aantal maanden vanwege een hartoperatie, trad hij af als wethouder.

Rabbae bekleedt een aantal bestuursfuncties, vooral op het gebied van minderhedenbeleid. Hij in maart 2008 mede-organisator van de Nederland Bekent Kleur-demonstratie op de Dam in Amsterdam in het kader van de VN-dag tegen racisme.

Rabbae is ook voorzitter van het Landelijk Beraad Marokkanen (LBM). Het LBM werd door Rabbae opgericht als reactie op de film Fitna van Geert Wilders. Het LBM eiste dat het Openbaar Ministerie PVV-leider Geert Wilders zou vervolgen wegens discriminatie van moslims.

Radiodocumentaire over de beeldvorming van ‘de moslima’

0

Het radiodocumentaire-tweeluik ‘Moslima’ is een persoonlijke en urgente zoektocht van beeldmaker en onderzoeker Cigdem Yuksel. Samen met radio- en podcastmaker Maartje Duin onderzoekt Cigdem hoe de beeldvorming van ‘de moslima’ door de jaren heen is ontstaan en hoe zij dat beeld kunnen veranderen.

Het bekende beeld van ‘de moslimvrouw’ in de Nederlandse media versterkt het stereotype van de geïsoleerd levende, slecht geïntegreerde, nauwelijks Nederlands sprekende vrouw. Cigdem en haar generatiegenoten herkennen zichzelf, hun moeders en oma’s hier niet in. Waar zijn de foto’s van moslima’s aan het werk, op een terrasje met vriendinnen, een gezin op museumbezoek?

In ‘Moslima’ gaan Cigdem en Maartje langs bij fotografen, beeldbank ANP en beeldredacteuren van kranten om te kijken hoe het beeld minder eenzijdig kan worden. Zij spreken experts op het gebied van beeldvorming, die vertellen hoe het beeld van ‘de moslima’ in het westen is ontstaan, met nadruk op het Nederland van na 9/11.

Beeldvorming, zo wordt duidelijk, is een gelaagd systeem waarin elke speler een verantwoordelijkheid heeft. Lukt het Cigdem om anderen daarvan te overtuigen? Hoe verander je als eenling een systeem dat al decennia bestaat.

‘Moslima’, is vanaf vandaag te beluisteren op alle podcastplatforms, in de app van NPO Radio 1, de Luister-app van de NPO en op de website van OVT. Aflevering 2 wordt uitgezonden op 22 mei om 11.15 uur bij OVT op NPO Radio 1.

Turkije steunt “broer” Marokko inzake Sahara

0

De Turkse minister van Buitenlandse Zaken, Mevlüt Çavuşolu heeft woensdag bekend gemaakt dat zijn land de territoriale integriteit en soevereiniteit van Marokko inzake de Sahara steunt.

De steun van Turkije aan het Marokkaans autonomieplan voor de Sahara werd door Çavuşolu bekend gemaakt tijdens een persconferentie met zijn Marokkaanse tegenhanger Nasser Bourita, in de Marokkaanse hoofdstad Rabat.

Çavuşolu: “Turkije steunt de soevereiniteit en territoriale integriteit van broeder Marokko. Vrede, stabiliteit en welvaart van de regio Sahel en Noord-Afrika zijn onontbeerlijk voor de stabiliteit van de Middellandse Zee, Afrika, het Midden-Oosten en zelfs Europa.”

De Turkse minister van Buitenlandse Zaken was in Marokko voor de ministeriële vergadering van de Internationale Coalitie tegen Daech in Marrakesh.

Minister Mevlüt Çavuşolu aanwezig bij de ministeriële vergadering van de Internationale Coalitie tegen Daech in Marrakesh.
Minister Mevlüt Çavuşolu aanwezig bij de ministeriële vergadering van de Internationale Coalitie tegen Daech in Marrakesh.

De ministeriële vergadering tegen extremisme en terrorisme werd voor het eerste in Afrika gehouden. Op de gezamenlijke uitnodiging van de minister van Buitenlandse Zaken van Marokko, Nasser Bourita, en de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Antony Blinken.

Hoekstra is in Marokko vanwege de Anti-Daesh coalitie

0

Minister Wopke Hoekstra van Buitenlandse Zaken neemt vandaag deel aan de Anti-Daesh coalitie in de Marokkaanse stad Marrakesh.

Minister Hoekstra heeft een persoonlijk gesprek gehad met de Marokkaanse minister van Buitenlandse Zaken, Nasser Bourita, over de bilaterale relatie en actuele, politieke ontwikkelingen.

Nederland beschouwt de in 2007 gepresenteerde autonomieplan voor de Sahara, door Marokko, als “een serieuze en geloofwaardige bijdrage aan het door de VN geleide politieke proces” om een ​​oplossing te vinden voor de Sahara-kwestie.

Met dit nieuwe standpunt, verwoord in de gezamenlijke verklaring die is afgegeven na de gesprekken tussen beide ministers, sluit Nederland zich bij de internationale steun aan de Marokkaanse autonomieplan over de Marokkaanse Sahara. De nieuwe positie van Den Haag volgt op de steun van de Verenigde Staten, Duitsland en Spanje.

Hoekstra en Bourita benadrukten ook de belangrijke rol van Marokko in het kader van de samenwerking tussen de EU en Afrika. Herinnerend aan de langdurige betrekkingen, die de twee koninkrijken gedurende meer dan 400 jaar hebben verenigd, en hun nauwe sociale, culturele, economische en menselijke banden, onderstreepten Hoekstra en Bourita hun wederzijdse inzet om de dialoog en samenwerking tussen beide landen te versterken.

De ministers van Buitenlandse Zaken juichten de dynamische samenwerking tussen beide koninkrijken op het gebied van innovatie, water en duurzame energie en voedsel toe. Terwijl ze de rol van de Marokkaans-Nederlandse gemeenschap in Nederland op verschillende gebieden benadrukten, verwelkomden de twee ministers de hervatting van het internationale reizen tussen de twee landen, evenals de uitwisselingsprogramma’s voor studenten bij het Nederlands Onderwijsinstituut (NIMAR) in Rabat.

Op uitnodiging van minister Hoekstra zal minister Bourita een bezoek brengen aan Nederland.De Global Coalition tegen Daesh werd opgericht in 2014. De 84 leden van de coalitie zetten zich in voor: het aanpakken van de financierings- en economische infrastructuur van Daesh; voorkomen dat buitenlandse terroristische strijders de grens oversteken; ondersteuning van stabilisatie en herstel van essentiële openbare diensten in gebieden die zijn bevrijd van Daesh; en het tegengaan van de propaganda van de groep.

Nederland was tot september 2019, samen met Marokko, co-voorzitter van het Global Counterterrorism Forum (GCTF). Een internationaal samenwerkingsverband om terrorisme te voorkomen en te bestrijden.

In het GCTF staan onderwerpen zoals het tegengaan van gewelddadig extremisme, het creëren van tegenluid en de rol van strategische communicatie, het bevorderen van informatie-uitwisseling tussen landen, het opsporen en voorkomen van terrorismefinanciering, het stoppen van Foreign Terrorist Fighters en re-integratie en rehabilitatie aspecten hoog op de agenda.